De aanpak van TalentHZM voor hoogbegaafde leerlingen
Hoogbegaafde leerlingen hebben behoefte aan uitdagend voortgezet onderwijs, maar dat alleen is niet voldoende om tot leren en ontwikkelen te komen. Wanneer leerlingen gewend zijn dat leren gemakkelijk gaat, kan het juist lastig zijn om een echte uitdaging aan te gaan. Iets niet meteen kunnen, fouten maken of langer moeten volhouden kan dan onwennig zijn.
Daarom gaat passend onderwijs voor hoogbegaafde leerlingen bij TalentHZM verder dan het aanbieden van complexe lesstof. We bieden een omgeving waarin leerlingen worden uitgedaagd én ondersteund om te leren wanneer iets niet vanzelf gaat. Ze leren hun eigen leerproces kennen, ontdekken wat ze nodig hebben en ontwikkelen steeds meer vertrouwen in hun eigen mogelijkheden.
In onze aanpak staan drie uitgangspunten centraal: triggers, veiligheid en scaffolding. Deze uitgangspunten komen terug in ons onderwijs, onze begeleiding en de manier waarop we leerlingen steeds meer verantwoordelijkheid geven voor hun eigen ontwikkeling.
Triggers: het startpunt van leren
Een trigger is een moment waarop een leerling merkt dat een bekende aanpak niet meer vanzelf werkt. Een leerling denkt bijvoorbeeld: “Huh, hoe zit dit?”, “O jee, dit lukt me niet meteen” of “Hoe pak ik dit aan?”
Juist zo’n moment is het begin van leren. Wanneer een leerling wordt geconfronteerd met een vraagstuk waarvoor de bestaande kennis of aanpak niet direct voldoende is, ontstaat ruimte om nieuwe strategieën te ontdekken, verbanden te leggen en anders naar een probleem te kijken.
Daarom creëren we in onze gewone lessen bewust zulke momenten als een vanzelfsprekend onderdeel van het curriculum. Al die triggers kunnen best ongemakkelijk voelen. Als je gewend bent dat leren gemakkelijk gaat, is het niet vanzelfsprekend prettig om ineens niet te weten hoe je verder moet. We helpen leerlingen daarom niet alleen om het antwoord te vinden, maar vooral om te ontdekken wat ze kunnen doen wanneer iets niet vanzelf gaat.
Veiligheid: jezelf kunnen zijn en risico’s durven nemen
Om te kunnen leren van triggers, moeten leerlingen zich veilig genoeg voelen om zichzelf te laten zien, vragen te stellen en fouten te maken.
Voor hoogbegaafde leerlingen kan dat extra belangrijk zijn. Wanneer een leerling gewend is dat leren gemakkelijk gaat, kan het onzekerheid oproepen wanneer iets niet meteen lukt. Ook kunnen leerlingen zich aanpassen aan hun omgeving wanneer zij het gevoel hebben dat hun manier van denken, interesses of behoeften anders zijn dan die van anderen.
Binnen TalentHZM creëren we daarom een omgeving waarin leerlingen zich gezien, begrepen en geaccepteerd voelen. De homogene HB-klas en de aanwezigheid van gelijkgestemden spelen daarin een belangrijke rol.
Ook het dubbelmentoraat draagt hieraan bij. Leerlingen hebben twee vaste mentoren bij wie zij terechtkunnen. Zij hebben niet alleen aandacht voor de schoolse ontwikkeling, maar ook voor het welzijn, de persoonlijke ontwikkeling en de onderwijsbehoeften van de leerling.
Veiligheid betekent dus niet dat we leerlingen beschermen tegen alles wat moeilijk of ongemakkelijk is. Juist vanuit veiligheid ontstaat ruimte om nieuwe dingen te proberen, fouten te maken en uitdagingen aan te gaan.
Scaffolding: ondersteunen waar dat nodig is
Soms is een trigger precies wat een leerling nodig heeft om iets nieuws te leren. Maar om van “O jee, dit lukt me niet” naar “Ik weet hoe ik hiermee verder kan” te komen, kan ondersteuning nodig zijn.
Die ondersteuning noemen we scaffolding. We bieden leerlingen tijdelijk de steun die zij nodig hebben om een nieuwe vaardigheid, strategie of manier van denken te ontwikkelen. Zodra een leerling dit steeds zelfstandiger kan, bouwen we de ondersteuning weer af.
Dat kan bijvoorbeeld gaan om hulp bij plannen en organiseren, problemen oplossen, reflecteren op eigen keuzes, samenwerken of omgaan met uitstelgedrag. Soms betekent het ook dat we een leerling helpen om de gevolgen van een onhandige keuze onder ogen te zien en te onderzoeken wat een volgende keer anders kan.
De ondersteuning sluit steeds aan bij wat een leerling op dat moment nodig heeft. We nemen niet over wat een leerling zelf kan leren. We ondersteunen waar dat nodig is en geven ruimte waar dat kan.
Persoonlijke ontwikkeling en het portfolio
De drie uitgangspunten komen samen in ons mentoraat. We willen leerlingen niet alleen helpen bij wat zij vandaag nodig hebben, maar hen ook leren begrijpen wat voor hen (niet) werkt en waarom.
In het mentoraat is aandacht voor persoonlijke ontwikkeling. Leerlingen bespreken met hun mentor waar ze tegenaan lopen, wat goed gaat, welke doelen ze hebben en welke ondersteuning zij nodig hebben.
Het portfolio is daarbij een belangrijk hulpmiddel. Leerlingen verzamelen en bespreken hierin ervaringen, ontwikkelingen en reflecties uit de verschillende vaklessen. Ze leren terugkijken op hun leerproces, zicht krijgen op hun kwaliteiten en ontwikkelpunten en steeds bewuster keuzes maken.
Zo groeit de leerling van begeleid worden naar steeds meer zelf sturen.
Samenwerken met ouders
De ontwikkeling van zelfstandigheid vraagt om een goede samenwerking tussen leerling, ouders en school.
Soms betekent goede begeleiding dat een leerling hulp krijgt. Soms betekent het juist dat een leerling ruimte krijgt om zelf een oplossing te zoeken, een fout te maken of de gevolgen van een keuze te ervaren. Dat kan voor ouders best lastig zijn. Het is begrijpelijk dat ouders graag willen helpen of iets willen oplossen, wanneer ze zien dat hun kind ergens mee worstelt.
We bespreken daarom met ouders wat een leerling nodig heeft, waar ondersteuning helpend is en wanneer het juist goed is om iets bij de leerling te laten. Zo werken we samen aan een geleidelijke ontwikkeling van zelfstandigheid, eigenaarschap en vertrouwen in het eigen kunnen.
Informatieavond TalentHZM:
Aanmelden voor TalentHZM:



